De Haïtiaanse gemeenschap in de Verenigde Staten zit tussen hoop en vrees. De situatie in Haïti blijft levensgevaarlijk, en de Amerikaanse overheid wil de meer dan 330.000 Haïtianen in de Verenigde Staten niet langer een speciale asielstatus geven. Haïtianen bereiden zich voor om onder te duiken voor politiedienst ICE. "Ik weet zeker dat het complete chaos wordt", zegt een van hen.
Bij het Caribische restaurant Keket Bongou in Springfield, in de staat Ohio, is het rustig. Haïtiaanse vlaggetjes bekleden het plafond en de inrichting doet denken aan een Caribische bar. Achter de balie zit Solong. "Ik merk dat veel Haïtianen uit angst thuisblijven. Ze sparen hun geld op uit onzekerheid. Iedereen wacht op het volgende slechte nieuws." Zijn sombere toon valt weg tegen de vrolijke Caribische muziek die op de achtergrond gedraaid wordt.
Haïtianen in Springfield
Haïtianen kregen in 2010 onder president Obama een beschermde status (TPS) vanwege een verwoestende aardbeving en politieke instabiliteit in Haïti. De meeste Haïtianen kwamen rond 2020 terecht in Miami en New York. Daar verspreidden zich al snel verhalen over Springfield, een stad met lagere huren en veel werkgelegenheid. Volgens schattingen leven er nu meer dan 12.000. Ze werken onder meer bij Amazon, het ziekenhuis en de lokale metaalindustrie, en knappen met het verdiende geld vervallen panden in Springfield op.
Nu lijkt daar een einde aan te komen. Komende maandag, op 27 juli, verloopt hun tijdelijke beschermde asielstatus.
"Ik ben bang voor ICE, vooral voor mijn kinderen vrees ik", zegt Sonell, die voor het bendegeweld in Haïti vluchtte. Hij houdt zich gedeisd, maar gaat nog altijd naar een Haïtiaanse kerk, waar ook de dominee Michelet zich zorgen maakt: "Mijn kerk zat zondag nog vol", zegt hij. "Maar of dat volgende week ook nog zo is, moet nog blijken."
Het opzeggen van TPS is een langverwachte stap in het immigratiebeleid van president Trump. Tijdens zijn eerste termijn probeerde hij dat al, maar pas na goedkeuring van het Hooggerechtshof in juni kreeg hij het voor elkaar. Het uitzetten van Haïtianen is voor de president een zet om een verkiezingsbelofte waar te maken: de hoogste deportatiecijfers ooit.
In Springfield schieten buren de Haïtianen te hulp. Activist Casey Kelly Rollins ondersteunt sinds 2016 de Haïtiaanse gemeenschap. Rollins helpt families onder meer met het aanvragen van Amerikaanse paspoorten voor Haïtiaanse kinderen die in Springfield zijn geboren.
Ze wordt in haar missie gesteund door priester Michelle Boomgaard, die grote hoeveelheden ingeblikt voedsel, luiers en andere boodschappen laat zien. Die hebben Haïtianen hard nodig nu zij met het verlies van TPS ook hun werk en inkomen kwijtraken. Hun rijbewijzen zijn al sinds 1 juli ongeldig. "De situatie is wel erg triest. Dit zijn mensen die we hebben leren kennen. De Haïtianen zijn onze buren. Dit doe je mensen toch niet aan?"
Activist Rollins kreeg deze ochtend onaangekondigd een grote donatie luiers en toiletpapier. Hoewel ze blij is met de donaties, werd ook hier meteen duidelijk dat het voor haar alarmfase één is. "Ik moest uitleggen dat er niet zomaar onaangekondigd busjes langs kunnen komen. Toen er onverwacht op de achterdeur werd gebonsd, schoot de angst voor ICE door mij heen."
In haar ogen is het een kwestie van tijd voordat er massadeportaties komen. "Ik hoop dat er hier geen ICE-invallen komen, maar we moeten Haïtiaanse families voorbereiden, zodat kinderen die achterblijven opgevangen kunnen worden", zegt ze. Of het A4'tje met "NO ICE ACCESS" op de voordeur de immigratiedienst tegenhoudt, moet nog blijken. Het geblindeerde glas en de beveiligde ingang moeten daarbij helpen.
Vrijwillig teruggaan is voor veel Haïtianen geen optie. Sinds 2021 heeft Haïti geen president en hebben criminele bendes er de touwtjes in handen. In het eerste kwartaal van dit jaar vielen in Haïti door geweld al 1642 doden, staat in een VN-rapport. Het Amerikaanse reisadvies staat nog altijd op rood, en afgelopen woensdag omschreef de Amerikaanse diplomaat Mike Waltz nog de gruwelijke dood van Haïtiaanse politieagenten tegen leden van het Congres.
TPS'er Viles Dorsainvil, oprichter van het Haitian Support Center, vertelt: "Als de situatie in Haïti veilig zou zijn, zouden we deze discussie niet voeren. Haïtianen zijn ontzettend trots en missen hun land enorm."
Ook hij ziet hoe Haïtianen zich voorbereiden op wat gaat komen. "Iedereen die familie in Canada heeft, heb ik gezegd naar hen toe te gaan. Haïtianen in Springfield blijven zo veel mogelijk thuis en houden zich stil."
Zelfs als er op de valreep een verlenging van TPS komt ziet hij geen toekomst voor Haïtianen in Springfield. "Veel Amerikanen zijn ervan overtuigd dat wij een bedreiging voor hen zijn. Maar we vragen ons juist af wat wij hier doen. Als mijn thuisland veilig was geweest, had ik mijzelf wel gedeporteerd."