"We zijn dicht bij een deal met Iran." Een bewering als deze heeft de Amerikaanse president Trump sinds het begin van de oorlog met Iran geregeld gedaan. De Amerikaanse nieuwszender CNN maakte een optelsom: sinds 23 maart heeft hij minstens 38 keer gezegd dat een deal ophanden was. Maar ondanks deze herhaalde claims lijkt een akkoord tussen Iran en de VS nog ver weg.
Vandaag zei Trump dat de Iraniërs "te lang hebben gedaan over het goedkeuren van een deal die goed voor ze zou zijn geweest", en dat het land daar nu voor zal boeten. Hij zei dat hij nieuwe aanvallen op elektriciteitscentrales in Iran overweegt.
Met dit soort dreigementen probeert de Amerikaanse president Iran onder druk te zetten om concessies te doen, maar experts zien dat dit soort uitspraken weinig indruk maken op het Iraanse regime.
Aanvallen 'met de rem erop'
Hoewel officieel een tijdelijk bestand tussen de landen geldt, vallen Iran en de VS elkaar nog geregeld aan. Wel gebeurt dit op minder grote schaal dan aan het begin van de oorlog. De partijen lijken "met de rem erop" te strijden, om te voorkomen dat onderhandelingen over een langdurig bestand klappen, zegt Clingendael-onderzoeker Youri Verschoor.
Van echte onderhandelingen over bijvoorbeeld de Iraanse nucleaire installaties is volgens Verschoor overigens nog geen sprake. Omdat diplomatieke gesprekken doorgaans achter gesloten deuren plaatsvinden, is het gissen hoe die ervoor staan.
"Het lijkt erop dat achter de schermen Iran en de VS via Pakistaanse bemiddelaars met elkaar praten. Deze gesprekken gaan vooral over de voorwaarden voor de onderhandelingen, dus waarover die zouden moeten gaan en welke tijdlijn daarbij hoort."
Fundamentele verschillen
Over die voorwaarden zijn de partijen het niet eens, zegt Verschoor. Zoals over de Amerikaanse blokkade van de Straat van Hormuz: "De VS wil daar niet mee stoppen, maar Iran vindt het beëindigen van de blokkade een voorwaarde om aan onderhandelingen te beginnen." Iran wil bijvoorbeeld dat zijn bevroren tegoeden worden vrijgegeven, maar de VS weigert dat zolang er geen afspraken zijn over de nucleaire installaties van Iran.
"Ze hebben dus fundamenteel andere posities ingenomen, nog voordat er überhaupt onderhandelingen plaatsvinden", zegt de Clingendael-expert.
André Gerrits, emeritus hoogleraar International Studies aan de Universiteit Leiden, stelt dat de VS zich heeft vergist in de oorlog. "Het Iraanse regime laat zien dat hoewel de leiding is weggebombardeerd, niets erop wijst dat ze een andere koers zijn gaan varen."
Dat Iran zowel economisch als militair zwak staat, betekent niet dat het bewind het niet volhoudt, zegt Gerrits. Hij verwijst naar de decennialange sancties tegen het land. "De Iraanse samenleving lijdt daaronder, maar het regime niet."
Het is volgens hem duidelijk dat de VS militair superieur is aan Iran. "Maar de VS weet die overmacht niet om te zetten in resultaten die de Amerikaanse president wil behalen, zoals dat Iran stopt met het verrijken van uranium. Trump dacht het regime met bombardementen op de knieën te krijgen, maar dat werkt niet."
Concessies
Onderzoeker Verschoor zegt dat het Iraanse regime niet bereid is in te stemmen met een deal die slecht is voor het land. Hij ziet net als Gerrits dat de Amerikaanse dreigementen niet leiden tot concessies. "Het Iraanse regime weet dat de VS een overweldigende militaire capaciteit heeft, maar is bereid om extreem ver te gaan om in het zadel te blijven."
Het regime heeft volgens hem bovendien nog opties achter de hand om de Amerikanen onder druk te zetten. "Het kan de Straat van Hormuz nog verder afknijpen of de Houthi's de strategisch gelegen zeestraat Bab el Mandeb laten afsluiten", zegt hij. Daarnaast kan Iran de As van Verzet inzetten om Amerikaanse doelen aan te vallen.
Volgens Gerrits heeft de VS naast militaire middelen ook andere mogelijkheden om Iran tot concessies te bewegen, zoals het vrijgeven van bevroren tegoeden of het opheffen van sancties. "Maar daar gelooft Trump niet in", zegt hij.
Gerrits denkt dat de enige uitweg voor de VS is om niet langer te bombarderen maar te onderhandelen over zaken die ook voor Amerika van belang zijn, in het bijzonder een deal over het Iraanse nucleaire programma. Dat heeft in het verleden gewerkt en dat zou volgens hem ook nu kunnen werken - zeker met reële dreiging van verdere oorlogvoering achter de hand.
Een andere optie is dat de onvrede onder de Iraanse bevolking een punt bereikt waarop er serieuze onenigheid binnen de leiding ontstaat, waardoor die wel richting de eisen van de VS moet gaan bewegen. "Maar tot die tijd zit Trump met een impopulaire oorlog waar hij voorlopig niet van af lijkt te komen."