'Te goede' oogst leidt tot overaanbod: 'Kolen van paar kilo'
Dat een oogst te goed kan zijn, voelt tegenstrijdig. Het is het geval bij de Nederlandse telers. Door een goed groeiseizoen vorig jaar, zitten zij nu met tenminste een miljoen kilo groenten zonder bestemming.
Het is in de boerenwereld een bekende kwaal, zegt Thijs Geijer, sectoreconoom bij ING. "Ze zeggen weleens: de grootste ramp is geen ramp. Want groeit het te goed, dan is er veel aanbod in de markt en dus een lage prijs."
Het gebeurt nu bij gewassen als aardappels, wortelen en kolen. Door het warme en droge voorjaar is er een bulkend overschot van. Bovendien zijn sommige groenten te groot voor verkoop in de supermarkt.
Volle opslagZo ook bij Johan Pals. Hij zit met een overschot aan kolen en die zijn ook nog eens ontzettend groot. Exemplaren in de supermarkt wegen tussen de 700 gram en een flinke kilo. In zijn restpartij weegt één kool al meerdere kilo's.
Dat komt door een ander overschot: die van zijn aardappelen. Doordat daar minder vraag naar is, bleef zijn opslag vol. De kolen konden daardoor niet op tijd worden geoogst, en dus groeiden ze maar door. En dan wil geen winkel ze hebben.
190.000 kilo koolHet is altijd moeilijk van restpartijen af te komen, maar nu nog meer, zegt Pals. Momenteel ligt er 190.000 kilo van zijn biologische kool te wachten op een nieuwe eigenaar. Die hoopt Pals te vinden met hulp van No Waste Army.
Die organiseert hiervoor zijn grootste 'reddingsactie' tot nu toe. "We kregen zoveel hulpvragen, daar moesten we wat mee", zegt medeoprichter Thibaud van der Steen.
Geïnteresseerden kunnen terecht bij zes telers verspreid over het land. Ze halen daar voor een vast bedrag een tas met groenten op of doneren geld aan de Voedselbank. Of het wordt verwerkt tot soep of sauzen.
Zo ook de ruim 50.000 hokkaido pompoenen van Chris Poelen uit het Gelderse Groesbeek. Mensen mogen ze komen ophalen, of de houdbaarheid wordt opgerekt door ze te verwerken in een ander product.
Poelen zit nu met een overschot, in tegenstelling tot in 2024. Door het koude en natte weer had hij toen juist minder dan gedacht. "Soms is het hollen en dan weer stilstaan. De natuur bepaalt. Dat is het leven van de boer."
De ene keer een overschot, dan weer een tegenvaller. Het is een bedrijfsrisico van de ondernemer, stelt ook landbouworganisatie LTO. "En het is dus ook aan de ondernemer om daar op te anticiperen", zegt een woordvoerder.
ImperfectieVolgens No Waste Army is een belangrijke oorzaak van de grote hoeveelheid overgebleven en afwijkende groenten, dat supermarkten strenge specificaties hebben. "Terwijl: de natuur bepaalt, niet de keten. Daar moeten we naar terug."
Nu bepalen in veel gevallen inkopers een jaar van tevoren wat van het land moet komen, zegt de ondernemer. "Maar je weet niet van tevoren wat er kan worden geoogst, en hoe dit eruit ziet."
Volgens Van der Steen is er bij supermarkten wel de wil om te veranderen, maar loopt het systeem achter. "Te grote kolen kunnen bijvoorbeeld niet over banden, of passen niet in een kratje. Daardoor kunnen ze er niks mee."
Supermarkten zeggen dat ze wel degelijk iets doen tegen voedselverspilling. Zo biedt Jumbo kleinere appels toch aan. En in Albert Heijn is spinazie met hagelschade verkrijgbaar. Aldi zegt actief met telers aan oplossingen te werken wanneer er een groenteoverschot is.
MinibloemkoolDe rol van de consument is volgens Van der Steen niet verwaarloosbaar. Die zou bewuster moeten zijn van wat er in Nederland wordt geoogst. En dus ook moeten meebewegen als een oogst mee- of tegenvalt.
Thijs Geijer ziet dat de supermarkt biedt wat de consument wil, en dat moet aan steeds meer eisen voldoen. Probleem is dat consumenten minder goed dan voorheen weten hoe ze afwijkende groenten kunnen verwerken.
"Daar waren we vroeger heel bedreven in. Nu is gemak belangrijk en zijn huishoudens kleiner. Minibloemkolen en -watermeloenen zijn populair. Via prijzen is de vraag wel te beïnvloeden, maar mensen gooien hiervoor niet hun hele eetpatroon om."