Brand in complex prestigieuze Duitse deeltjesversneller
In het Duitse Darmstadt is brand uitgebroken in een prestigieus onderzoekslaboratorium. In het Helmholtzzentrum für Schwerionenforschung wordt onder meer onderzoek gedaan naar superzware atomen die alleen in het lab gemaakt kunnen worden.
Op foto's van het complex is te zien dat er dikke rook opstijgt uit een van de gebouwen. Volgens plaatselijke media gaat het om het lab waar de deeltjesversneller is gevestigd, In dat apparaat kunnen elementaire deeltjes tot grote snelheden worden gebracht voor onderzoek op het gebied van bijvoorbeeld scheikunde of medicijnen.
De eerste meldingen over de brand kwamen rond 06.30 uur binnen. Volgens de hulpdiensten is het vuur inmiddels onder controle, maar zal er nog de rest van de dag nageblust moeten worden. Hoe groot de schade is, is nog niet bekend.
Eigen elementenEr is volgens de politie niemand gewond geraakt. Omwonenden wordt aangeraden ramen en deuren te sluiten, omdat niet duidelijk is of er schadelijke stoffen zijn vrijgekomen bij de brand.
Het is nog onduidelijk hoe de brand is ontstaan. Op het terrein wordt momenteel gewerkt aan een nieuwe deeltjesversneller, maar het vuur zou niet daar zijn uitgebroken. Het nieuwe apparaat, met een versnellingstunnel van ruim een kilometer, kost ruim 3 miljard euro en moet in 2028 klaar zijn voor onderzoek.
In het Helmholtzzentrum wordt al ruim een halve eeuw fundamenteel onderzoek gedaan naar atomen. Zo werden er in de jaren 80 en 90 voor het eerst extreem zware elementen gevormd als bohrium, meitnerium en röntgenium. De zeldzame elementen darmstadtium en hassium zijn zelfs genoemd naar de locatie van het onderzoeksinstituut, Darmstadt in de zuidwestelijke Duitse deelstad Hesse.
In het complex werken zo'n 1500 werknemers. Daarnaast komen er jaarlijks honderden wetenschappers van over de hele wereld langs om onderzoek te doen.
Zware atomenHet atoomnummer van elementen correspondeert met het aantal protonen in hun kern. Lichte atomen hebben er weinig, zoals waterstof met 1, helium 2 of zuurstof 8; zwaardere hebben er veel, zoals uranium (92), radium (88) of lood (82). Elementen met de hoogst bekende getallen komen niet in de natuur voor, maar kunnen in laboratoria worden gemaakt door lichtere atomen met elkaar te laten versmelten.
Zo werd in 1940 bijvoorbeeld neptunium (93) gemaakt. Doordat nog zwaardere elementen enorm instabiel zijn, is het moeilijk die te maken en bewaren. Zo is bij oganesson (118) na 0,7 milliseconden al de helft van het geproduceerde materiaal uiteengevallen. Kennis over dit soort elementen vertelt wetenschappers meer over de fundamentele eigenschappen van materie en de situatie in het universum microseconden na de oerknal.